URL has been copied successfully!

Over Politiek

URL has been copied successfully!
politiek zonder schandpaal

“Kunt ge nog eens iets schrijven over politiek?” Die vraag, met allerlei aangehechte bevelen over wat ik er dan precies van moest vinden, viel deze week geregeld in mijn mailbox. U kent dat hok wel, dat stuk software dat men ’s ochtends best gesloten laat als men de illusie van een draaglijke dag nog even wil bewaren. Zodra het openklapt, ligt de wereld weer op de mat, met vuile poten en een mening.

Nu goed, de suggesties even daargelaten. Ik schrijf liever mijn eigen gedachte uit dan dat ik een voorgekauwde slogan nog eens opwarm tot zij naar karton smaakt. Namen noemen, wordt mij steevast aangeraden. Uiteraard. En de namen die ik dan moet noemen, worden er gratis bijgeleverd, met een rij bijvoeglijke naamwoorden die al een tijd in het zuur hebben gelegen. Welvoeglijke naamwoorden waren mij liever geweest, maar beleefdheid heeft dit land verlaten. Zij is samen met goed fatsoen, empathie en bedachtzaamheid naar een verre streek getrokken waar men vermoedelijk nog stoelen aanbiedt voor oudere mensen. Ik verwacht ze niet meteen terug.

Wat wilt ge eigenlijk weten over politiek? Als ik de vragen zo lees, weinig of niets. Men wil vooral nog eens bevestigd zien dat deze of gene politicus een ramp is, bij voorkeur met hoofdletters, schuim aan de mond en een passende afbeelding erbij. Men wil horen dat één sloganeske ingreep alles zal oplossen, zonder nevenschade, zonder prijskaartje, zonder een ambtenaar die nadien met formulieren komt zwaaien. Dat heeft weinig met politiek te maken. Dat is de mens die denkt dat hij, of zijn huisgod, met één klap op tafel de wereld weer recht kan zetten. De tafel houdt dat zelden.

Politiek, in betere tijden althans, gaat over botsende ideeën. Niet over wie het hardst kan blaffen vanaf zijn digitale erf. Ge brengt uw gedachte naar voren, legt haar uit zonder meteen de vlag uit het raam te hangen en luistert daarna naar wat een ander te zeggen heeft. Dat laatste is tegenwoordig een vergeten ambacht, ergens verloren gegaan tussen klompen maken en zwijgen wanneer men niets weet. Vervolgens steekt men de koppen samen en probeert men te beslissen welk idee het meeste goed doet en het minste schade aanricht. Daarna voert men het uit. Zo eenvoudig klinkt het. Daarom gebeurt het ook zo zelden.

Daarachter hoort een visie te zitten, een idee van hoe de samenleving eruit moet zien wanneer men klaar is met duwen, trekken en budgetten verschuiven. Uw waarden zijn niet die van een ander. Dat is geen misdaad, hoe graag sommigen er ook een proces van maken. Het verdient een stevig debat, met argumenten die meer wegen dan nat papier. Elke oplossing schuift immers een waarde naar voren en duwt een andere wat dieper in de modder. Dat maakt haar niet meteen verdacht. Alleen herkenbaar menselijk. Maar het doel, een beter leven voor ons allemaal, zou toch minstens op de tafel mogen liggen. Niet als praalstuk, maar als werkstuk. En ja, dan moet eerst worden uitgevochten wat “beter” betekent. Dat is de eerste discussie. Niet de laatste oprisping na twee uur gebrul.

Als men daarover een akkoord vindt, of desnoods een meerderheid met nog enig schaamtegevoel, kan men beginnen palaveren over de weg ernaartoe. Maar wat ik vandaag op internet, televisie, radio en andere open riolen hoor, slaat die eerste stap vrolijk over. Iedereen komt aandraven met oplossingen, blinkend verpakt en zelden belast door samenhang. Oplossingen waarvoor? Voor kleine symptomen die worden opgeblazen tot Bijbelse plagen. Voor ergernissen die, mits voldoende verontwaardiging, kunnen doorgaan voor staatszaken. Men verkoopt pleisters per vrachtwagen en vraagt niet meer waar de wonde zit.

Wat is beter? Waar wilt ge naartoe? Laat ons daar eerst eens even over nadenken, los van de dagelijkse modder die zo graag tot geschiedenis wordt uitgeroepen. Als daar iets van overeenstemming ligt, kan men bekijken hoe men er geraakt. En wanneer ook die discussie beslecht is, kan men eindelijk beginnen werken en de dwaze gevechten over gelijk en ongelijk laten liggen voor wie graag in plassen stampt. Dan kunnen de kleine kwesties weer klein worden, en het geheel weer groter dan de laatste tweet, quote of scheldnaam. Dat is toch wat politiek zou moeten doen. Of heb ik mij vergist en is het voortaan gewoon modderbeheer met microfoons? En kijk, bij deze heb ik nog eens iets over politiek geschreven. Het spijt mij voor wie op bloed gehoopt had. Er lopen in die bende dames en heren genoeg figuren rond van wie mijn maag zuur wordt, en enkele van wie ik zowaar niet meteen de gordijnen wil sluiten. Toch zult ge mij er niet op betrappen deze of gene aan de schandpaal te nagelen. Schandpalen horen bij de middeleeuwen. Die tijd hebben de meesten van ons achter zich gelaten, al sleuren sommigen het hout nog dagelijks mee alsof het een familie-erfstuk is.

Teken in voor de nieuwsbrief

Geef een reactie

Deze website gebruikt cookies. Door deze website te gebruiken gaat u hiermee akkoord  Meer info