
Er is weer heisa over De Lijn, onze busmaatschappij. Dat woord alleen al rijdt niet op tijd. Misschien hebben ze daarom besloten een marktonderzoek te doen. Awel, merci. Ze zullen nogal een berg antwoorden krijgen, als de respondenten tenminste de halte van vraag twee halen.
Vooreerst kunt ge, ik zeg kunt, maar eigenlijk moet ge, uw meest gebruikte rit opgeven. Zonder dat geraakt ge niet verder. Daarvoor krijgt ge een keuzelijst van honderden lijnnummers voorgeschoteld, een digitale hooizolder waarin ge uw eigen strohalm moogt terugvinden. De goesting is over nog vóór de bus officieel vertraging heeft. Maar goed, als ontevreden reiziger ben ik gewillig genoeg om feedback te geven. Men blijft hopen dat ergens in een kantoor een mens zit die nog weet waarvoor een bus dient.
Daarna moogt ge op een tiental punten aangeven hoe tevreden ge zijt. Maar o wee als ge durft zeggen dat ge ergens ontevreden over zijt. Dan begint de vragenlijst terug te blaffen: waarom dan wel? Wel, omdat ik dat zonet heb aangegeven. Stiptheid, als men bij De Lijn dat woord al zonder lachen kan uitspreken. Frequentie, wat ook één bus om de zoveel uren kan betekenen, zoals een klok die af en toe uit beleefdheid tikt. En dan nog vriendelijkheid, informatie, aansluitingen, properheid. Properheid in sommige bussen is als God: men zegt dat zij bestaat, maar ik heb haar nog niet gezien.
Daar ben ik afgehaakt. Een mens heeft maar één leven en zelfs dat is bij momenten al lang genoeg. Wie bedenkt zulke onzin? Al jaren doen ze bevragingen en al jaren verbaas ik mij over de scores. Wie vult dat in? Betaalde deelnemers? De minister en haar kabinet? Mensen die De Lijn kennen van de zijkant van een bus wanneer hun dienstwagen er voorbijrijdt? Vaste reizigers kunnen het moeilijk zijn. Die staan doorgaans nog ergens te wachten.
En wat doen ze met die resultaten? Ze weten toch al dat bussen steevast te laat zijn, dat chauffeurs soms straal voorbijrijden terwijl ge daar staat als een natte hond met een abonnement, dat het materieel oud en vermolmd is, dat ritten op vreemde uren rijden en aansluitingen behandeld worden als geruchten uit een ander land. Is het om straks een mooi cijfer aan parlement en kiezer voor te leggen? Misschien zou het helpen als bevoegde ministers zich een maand uitsluitend met de bus moesten verplaatsen. Niet voor de symboliek. Voor de straf.
En dan komen ze af met de modal shift. Mag ik eens lachen, of rijdt ook die alleen tijdens de spits? Als er niet gestaakt wordt, de bus effectief komt opdagen, min of meer op het juiste uur, en de chauffeur ook nog beslist te stoppen om u op te laten, dan kunt ge eens de calvarietocht ondernemen van ergens bij Leuven naar pakweg Noord-Limburg. Trek voor de heenreis gerust een halve dag uit. Minstens vier bussen, die natuurlijk op elkaar aansluiten zoals losse tanden in een oude mond. Wachten in weer en wind, zonder betrouwbare informatie. Ja, er is een app. Ook een kapotte klok wijst twee keer per dag de juiste tijd aan.
En dan moogt ge hopen dat ge een chauffeur treft die kan rijden, Nederlands spreekt, zich aan de regels houdt, niet met zijn smartphone bezig is en een beetje geduld heeft met de oudere medeburger die wat meer tijd nodig heeft om een zitplaats te vinden. Ook dat is een uitstervend ras, al weet ik niet of men het nog beschermt.
Nu ken ik een paar chauffeurs. Het merendeel zijn goede kerels en vrouwen met een werkdag die men niemand voor zijn plezier cadeau doet. Maar er zitten ook cowboys bij, kleine vorsten achter een groot stuur, zelfverklaarde masterminds die overal snelle oplossingen voor hebben. Snelle, eenvoudige oplossingen zijn meestal alleen goed om een probleem sneller en eenvoudiger groter te maken.
Ik zeg niet dat zij zelf agressie uitlokken. Er lopen genoeg jonge snaken en oudere idioten rond die beter zouden moeten weten en dat helaas niet doen. Maar soms begrijpt ge waar de vonk vandaan komt, wanneer een chauffeur niet luistert, zijn eigen gelijk door de bus duwt en elk gevoel voor elementair fatsoen thuis op de kapstok heeft laten hangen. Goed, zulke busterroristen zijn een kleine minderheid. Maar ze bestaan. Als ge die achter het stuur hebt zitten, wordt elke halte een gokspel. Ik kan er verhalen over vertellen… Maar dat is voor een andere column, en vermoedelijk een dikker dossier.
En dan de stakingen. Wij zitten al aan veertien dagen en het jaar is nog niet halfweg. Een beetje uitvergroot komt dat neer op een maand per jaar. Krijgen wij dan een twaalfde van ons abonnement terug? Natuurlijk niet. Men zal ons liever nog even uitlachen met een marktonderzoek. Wie weet komen ze daar nog goed uit ook. Papier verdraagt veel, schermen nog meer.
Ja, ik weet het. Ik begrijp veel van de grieven van de chauffeurs. Ik deel er zelfs een aantal, zoals zovelen. Maar de arrogantie om een half land geregeld in de miserie te duwen door zo vaak te staken, blijft iets waar men toch eens een stoel voor mag bijschuiven en ernstig naar kijken. Kinderen moeten op school geraken. Oudere mensen moeten naar de kliniek. Mensen zonder auto moeten naar hun werk. Staan die staaklustige heethoofden daar ooit bij stil, of is de reiziger slechts decor in hun strijdtoneel? Kunnen ze werkelijk niets anders bedenken? Een betaalstaking bijvoorbeeld. Of iets waarvoor men niet meteen de zwakste reiziger als zak zand voor de deur legt.
Ik heb het donkerbruine vermoeden dat veel brave chauffeurs door vakbonden gebruikt worden om de eigen machtsbasis nog wat aan te stampen. Weer dat oude liedje van wij tegen zij. Als ge niet voor ons zijt, zijt ge tegen ons. Wij hebben gelijk en wie dat niet ziet, is dom, slecht of allebei. Men hoeft er weinig verbeelding voor te hebben om ergens op de achtergrond een Amerikaanse dorpsgek te horen roepen dat hij alleen de waarheid bezit. Het deuntje is overal hetzelfde. Alleen de vlag verandert.
Maar ja, ook vakbonden hebben enquêtes. Daaruit blijkt dan dat heel veel mensen begrip hebben voor de acties en die zelfs steunen. Ik vrees dat men vooral gesproken heeft met mensen die niet dagelijks op de bus moeten rekenen. En die groep groeit vanzelf. Door haltes af te schaffen, kunnen steeds meer mensen geen bus meer nemen. Binnenkort geldt dat zelfs voor een deel van de meest kwetsbare kinderen. Dat zijn dus alweer klagers minder. Slim bedacht. Als ge de reiziger laat verdwijnen, verdwijnt uiteindelijk ook zijn klacht. Ik vrees dat gezond verstand, realiteitszin en dienstbaarheid aan de reiziger bij De Lijn niet aanwezig zijn. Of, ook dat kan, ze waren op weg naar het hoofdkwartier. Met de bus. Wie weet komen ze ooit nog aan.
U kan deze tekst gratis als .pdf downloaden via het winkeltje