URL has been copied successfully!

De zonde van een ander

URL has been copied successfully!
andermans fouten herkennen

Ik heb de goede gewoonte eerst te kijken wie mij storen wil, vooraleer ik de telefoon aanneem. Ik doe dat niet zozeer uit wantrouwen als wel uit zelfbescherming.  Ge weet immers nooit wie er nog een berg werk op uwen nek wil kieperen.  Maar in alle drukte vandaag, nam ik op zonder kijken, en dat is op zijn best een vergissing en op zijn slechtst een vorm van zelfsabotage.  Ik besefte het toen ik mezelf ‘Hallo’ hoorde zeggen.

‘Dag lekker beest, alles goed met je’ hoorde ik een zwoele doch onbekende vrouwenstem zeggen.  Hoe druk ik ook in de cijfers zat, dat rukte me er met stoel en al helemaal uit.  Ik keek van mijn scherm naar mijn telefoon, zag ‘onbekend nummer’ staan en verdacht direct enkele collega’s ervan een grap met mij uit te halen. Dat is meestal een verstandige reflex, vooraleer ge uzelf helemaal zot maakt voor niets.

Maar wat zegt ge dan? Eenmaal een vrouw aan het ‘lekker beesten’ met u is, kunt ge natuurlijk niet meer zeggen dat ge niet weet wie ze is.  Het aantal vrouwen dat de gewoonte heeft mij zo aan te spreken is overigens kleiner dan één.  Dat maakt de lijst dan wel overzichtelijk, maar de situatie wordt er niet eenvoudiger door. Ik wist niet wat ermee aan te vangen.

‘Euh, hallo’ zei ik nog eens, een beetje zoals een schaap blaat tegen een wolf die met servet om de nek en bestek in de klauwen klaar zit.

‘Zeg, dat was lekker gisterenavond’ zei ze met een stem vol insinuatie. Ge begrijpt dat een fatsoenlijk mens haar waarschijnlijk zou hebben afgelegd.  Maar een nieuwsgierig creatuur als ik kan een deur die op een kier staat onmogelijk negeren. Ik moest er het fijne van weten.

‘Ah, vond ge dat?’ vroeg ik, goed wetende dat ik als brave huisvader de avond rustig thuis bij vrouw en kinderen had doorgebracht. Dat is dan misschien minder zwoel dan dit soort gesprekken, maar beter voor de echtelijke harmonie.

‘Je klinkt zo vreemd’ antwoordde ze, met een duidelijke toon van verbazing in haar stem.  Tja, wat kan een mens daarop zeggen wanneer hij zelf niet weet hoe hij klinken moet? Ik stond op en keek naar buiten.  Ge moet weten, mijn bureel is in het kelderverdiep, de endeldarm van de organisatie, zeg maar.  En als ik recht sta kan ik netjes wat buitenlucht en een paar zoden gras zien tussen de gebouwen in.

‘Hallo’ klonk het zwoel door de telefoon, terwijl ik dat hoorde zag ik een collega, een dame die ik van ziens ken maar die mij verder onbekend is, staan telefoneren.

‘Ja’ antwoordde ik.  Ik zag haar naar haar telefoon kijken, ge weet wel, met zo een verbaasde blik, alsof ge net een nieuwe app hebt ontdekt die u op drie dagen een perfect figuur kan bezorgen. Ik zag haar lippen de woorden vormen die door mijn telefoon klonken.

‘Als je het niet leuk vond, mag je dat zeggen hoor’. Beeld en klank liepen perfect synchroon. En geef toe, dat was een stuk interessanter dan de cijfers waarmee een mens bezig moet zijn.

‘Neen, neen’ antwoordde ik snel, ge begrijpt dat ik niet wilde afleggen net nu het enige literaire waarde begon te krijgen.  Ik zag haar twijfelen, de telefoon van haar oor halen en onzeker verder lopen.

Ik bekeek mijn telefoon toen mijn deur openging.

‘Hey Peter, kan het zijn dat gij mijn telefoon hebt meegenomen?  Ik heb net telefoon voor u gehad’ kwam een collega binnen.  We hadden deze ochtend in dezelfde meeting gezeten en ja, al die rotdingen lijken nu eenmaal allemaal op elkaar.

Weekteksten kunt ge zoals steeds gratis downloaden in het winkeltje

De artikels als eerste in uw mailbox, geformateerd voor den smartphone? Neem een gratis abonnement via mijn substack pagina

Geef een reactie

Deze website gebruikt cookies. Door deze website te gebruiken gaat u hiermee akkoord  Meer info