
Stel u voor dat iemand zou zeggen dat we elke nacht dertig tot veertig mensen van een bepaald land moesten doodschieten. Zomaar, gelijk wie, ongeacht leeftijd of geslacht. Stel u voor dat, als ge dat kunt, dat dat gezegd wordt door iemand van de regering van een land, netjes gekleed, vers aangeslepen glimlach om de mond en het verklaart voor de wereldpers. Niet fluisterend aan den toog, maar in vol ornaat en luid roepend, blinkend van zelfvertrouwen voor de camera’s.
Ik weet het wel, dezer dagen kan er veel onzin en waanzin verteld worden, die tegenzin en weerzin oproept. Er loopt er nog zo een vreemde kerel rond die al enkele jaren de toon zet met leugens, alternatieve feiten en met voornamelijk zijn eigenbelang voor ogen. Woorden wekken maar voorbeelden trekken is de gangbare spreuk. Maar toch. En stel u dan voor dat iedereen een beetje protesteert, in woorden en social media posts, maar niemand echt iets doet? Dat we gewoon ons afgrijzen tonen en met de handen in de zakken verderlopen.
Dat is zo een beetje als die kerel die na een stuk van zijn tuin aan de buren verkocht te hebben, er een contract voor tekende, vervolgens het geld ontving en dan doodleuk met familie en vrienden terug die tuin gaat opeisen met het argument dat die altijd al van hem geweest is. En durf niet protesteren, want dan slaat hij op uw neus. Hebt ge de euvele moed om terug te slaan, dan wordt hij boos en beschuldigt hij u van het starten van de miserie.
Ge weet wel over welke drie clowns ik het heb. We protesteren in woorden, schuiven hier en daar wat geld naar de slachtoffers toe en noemen dat dan ‘reële politiek’. Maar echt reageren, de politie bellen en naar het gerecht stappen, ingrijpen voor er nog meer bloed op de stoep ligt, dat doen we niet. We laten dit maar gebeuren, klagen een beetje tegen elkaar, om onze eigen morele standvastigheid in de verf te zetten en gaan vrolijk verder met wat we ook aan het doen zijn. De koffie wordt immers koud en er moet brood op de plank komen.
Ik schreef er 20 juli een artikel over, kreeg er een hoop bagger voor over me heen, omdat ik de vraag stelde of we er niets over moesten zeggen. Maar wees nu eens eerlijk, los van discussies over wie gelijk heeft, moeten we er echt met zijn allen niet eens iets over zeggen? Blijven we zwijgen onder het motto ‘Wir haben es nicht gewußt?’
Er zullen zonder enige twijfel argumenten te vinden zijn, bergen aan argumenten, allemaal waar, afhankelijk van waar ge staat en hoe ver ge wilt kijken, om deze of gene gelijk te geven. Zo gaat het altijd. Argumenten vertrekken immers van een standpunt, een perspectief. En met een beetje nadenken kunt ge ze allemaal verkocht krijgen. Dat is een discussie die we misschien gewoon eens moeten laten liggen. Misschien kunnen we gewoon eens kijken, als een leraar naar een speelplaats in de lagere school.
Als die mens een paar kinderen ziet vechten, komt hij tussen, zonder enige interesse in wie begon en wie gelijk heeft. Hij stopt het gevecht! Later kunnen we wel uitzoeken wie gelijk had, wie begonnen was en eventuele straffen uitdelen. De eerste stap is het gevecht stoppen. Dat is geen wereldvreemde gedachte, dat is het basisniveau van een lagere school. Ge hebt er geen historische documentatie of een doctoraat in diplomatie voor nodig.
Maar wij, natuurlijk, we zijn geen schoolmeesters, wij laten het gebeuren. We laten die heren vrolijk oorlogsmisdaden, moorden en al wat lelijk is aankondigen in het zicht van de wereld en… En we zwijgen! Moeten we er niet eens iets over zeggen? Het kliekske is overigens groter dan die drie konijnen alleen. Er lopen nog heel wat van dat soort creaturen rond, van Soedan tot Noord-Korea en ver daarbuiten, die dringend een plek nodig hebben waar ze minder schade kunnen aanrichten.
Wel, ik heb een voorstel. Als we nu eens een paar honderd hectaren grond kopen, met zijn allen. Er een heel grote hoge muur omheen zetten. Binnen nette huisjes bouwen en ze met een staf van goed getrainde verzorgers voorzien. We geven ze allemaal wat hulpjes mee, wat camera’s en een eigen tv-zender. Dan kunnen ze zich de ganse dag bezighouden met hun hobby. Ze mogen voor zichzelf verschijnen op tv, verklaren wat ze willen, speeches geven, leugens vertellen zich wentelen in hun eigen gelijk, Monopoly spelen op het domein en zelf bepalen wat van henzelf en wat van een ander is. Nadien, als we het opnemen, kunnen ze de avond doorbrengen met zichzelf te bewonderen en te feliciteren.
Als ze ruzie krijgen, voorzien we wel een boksring, zonder scheidsrechter. En ’s avonds een therapiesessie. Ze mogen dan over zichzelf vertellen en wat ze gedaan hebben of plannen te doen. Zo een soort instelling voor ongeneeslijke criminele zotten. En ja, dat zal een bak geld kosten. Maar toch maar een fractie van wat ze nu aan kosten meebrengen. Dat geld dat we uitsparen kunnen we dan gebruiken om de schade te herstellen die ze hebben aangericht.
En vanaf dan moeten we misschien psychologische testen voorzien voor al wie nog kandidaat wil zijn voor het leiden van een land. Dat moet ge immers ook doen als ge een team moet leiden in zowat elke organisatie die ik ken. Om te voorkomen dat ge schade aanricht. Maar om een land te leiden, met een leger en de mogelijkheid het leven van velen te verwoesten, is blinde ambitie en een hoge dosis narcisme blijkbaar een belangrijker eigenschap dan morele stabiliteit. Een harde slogan en voldoende gebrek aan schaamte zijn tegenwoordig de toelatingsproef. En eerlijk gezegd, kijk eens om u heen, dat werkt voor geen meter.
Ik weet het, het is een zot idee. Maar wanneer er een buschauffeur op zijn neus geklopt wordt door wat losgeslagen jeugd, dan leggen we half het land plat. Alle respect voor de chauffeur en ge wenst het niemand toe. Maar half een land platleggen? Wanneer de centenindex er komt of we een paar maanden langer moeten werken om op pensioen te gaan, staat de wereld op zijn kop. En ja, ook ik moet een paar maanden langer werken. Maar echt? Zoveel ambras daarover? Wanneer iemand een aanslag plant, dan houden we marsen en leggen we massaal bloemen, volledig terecht overigens.
Maar wanneer het aantal slachtoffers en de schade groot genoeg is, dan zwijgen we. Moeten we er echt niet eens iets over zeggen? Ziet ge de pijn en de miserie niet? Dat zijn mensen zoals gij en ik! Stel u eens in hun plaats. Wat zou dan uw gedacht zijn over ons allemaal die erop staan te kijken met de handen in de zakken, als ramptoeristen naar een ongeval en vervolgens ons gezicht wegdraaien en overgaan tot de zinloze politieke discussies van elke dag? Juist, ge zoudt boos worden, wraak zweren, met uw dode kind in uw armen, uitgemergeld en ziek van al wat u overkomen is, tegen een wereld die zwijgt en, vanuit uw perspectief, daardoor medeplichtig is. Zwijgen begint niet als schuld, maar de volharding erin krijgt toch een heel vreemde geur.
Weekteksten kunt ge zoals steeds gratis downloaden in het winkeltje